Versturen...

Meer informatie nodig?
Wij bellen u graag terug.

Wij wijzen u op onze privacyverklaring
x
+ 31 (0)570 65 62 55
info@the-inside.nl
LinkedInFacebookTwitterPinterest

De dames van design

optie1b-25x65cm.jpg.jpeg
30 mrt 2017

Tot vorig jaar bestond ons designteam uit mannen. Maar daar kwam verandering in toen er eind 2016 twee nieuwe collega’s aan dit team werden toegevoegd. Want dit waren, geheel toevallig, twee vrouwen. Hoog tijd dus om deze dames van design beter te leren kennen!

Wie zijn jullie?

Kate: Ik ben Kate Bakker, 29 jaar en ik woon in Nijverdal. Ik heb industrieel productontwerp op Windesheim in Zwolle gestudeerd en heb inmiddels 5 jaar ervaring in de standbouw. Hiervoor heb ik bij een andere standbouwer gewerkt.

Saskia: Ik ben Saskia van Lamoen, 40 jaar en ik woon in Hengelo. Ik heb interieurarchitectuur gestudeerd aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. Sinds 2002 werk ik in de standbouw, met hier en daar wat uitstapjes naar interieurontwerp. Hiervoor werkte ik als zelfstandige binnen de stand- en interieurbouw. 

Wat is jullie functie bij The Inside en waarom heb je gekozen voor deze functie?

Kate: Sinds half augustus 2016 werk ik als designer bij The Inside. Na vijf jaar bij mijn vorige werkgever werkzaam te zijn geweest vond ik het tijd voor verandering. En het leuke van deze functie bij The Inside is dat ik niet alleen bezig ben met ontwerpen. Ik ben namelijk ook aangenomen om een inventarisatie van al ons huurmeubilair in ons magazijn te maken. Ik ben verantwoordelijk voor het categoriseren en het beheer hiervan en ben bezig een online bibliotheek samen te stellen. Dit is niet alleen nuttig voor ons als ontwerpers, maar eigenlijk heeft de hele organisatie hier profijt van.

Juist die categorisering en inventarisatie van de spullen in het magazijn vind ik een uitdaging. Ik had het er laatst nog met mijn collega-ontwerper over. Zij zijn de kleiers: van een bonk klei willen zij iets moois scheppen. Ik ben meer de Lego bouwer: geef mij maar vaste blokjes dan bouw ik daar iets moois van.

Saskia: Ik ben iets later binnengekomen. Sinds 1 november 2016 werk ik bij The Inside als hoofd van de ontwerpafdeling. Na ruim 4 jaar mijn eigen bedrijf te hebben gehad was het nog niet eens tijd voor verandering, maar toen ik werd benaderd om naar deze functie te solliciteren wilde ik daar toch graag op in gaan. The Inside heeft een goede naam in de standbouw en de mogelijkheid om weer een team te leiden sprak me direct aan. Het is een ontzettend veelzijdige functie waarbij ik ook buiten de ontwerpafdeling mee denk over optimalisatie.

Jullie werken hier nu een aantal maanden, hoe bevalt het?

Saskia: Ik vind het echt hartstikke leuk hier! Het was wel even spannend om te zien hoe een bestaand team op een nieuwe leidinggevende reageert. Maar er was vanaf dag één een hele open sfeer.

Kate: Ik heb de afgelopen maanden enorm veel geleerd! Ik ben erg blij dat ik nu in een team van ontwerpers werk. In mijn vorige werk was ik namelijk de enige ontwerper en dat ik nu kan sparren met collega’s is wel echt heel fijn! Ook kan ik bij The Inside veel meer verschillende materialen gebruiken om in de stands toe te passen. Ik merk dat ik hierdoor weer creatiever kan denken en ontwerpen.

Saskia: Ik merk ook dat het fijn is om weer deel van een team te zijn. Als zelfstandige werk je bijna altijd alleen en het [samen]werken met collega’s geeft toch meer gezelligheid en de mogelijkheid om van gedachten te wisselen. Het is ook een goed en leuk team dus dat maakt de samenwerking natuurlijk ook makkelijk!

Kate: Ook de waardering die ik krijg voor mijn werk is ontzettend motiverend. Het is een fijn dat je het verschil ziet in de dingen die je doet. Dat jij een [klein] aandeel hebt in de veranderingen die worden doorgevoerd.

Saskia: Ik vind het inderdaad ook mooi om deel uit te maken van een bedrijf in ontwikkeling. Je merkt dat The Inside zichzelf steeds weer wil verbeteren en professionaliseren. Het is leuk  om te zien dat je dan deel uitmaakt van die professionaliseringsslag en dat je daar ook een bijdrage aan kunt leveren. Ik denk niet dat ik me hier snel zal gaan vervelen!

Kate: Ja precies. Ik vind het echt motiverend om te werken bij een bedrijf dat het belangrijk vindt om zichzelf te blijven verbeteren.

Wat is je opgevallen in die maanden?

Saskia: Dat is toch wel de openheid binnen het bedrijf. Er is hier geen ‘Herr Directeur’. Alle deuren staan [bijna] altijd open en je kunt dan ook bij iedereen binnenlopen. Er heerst een laagdrempelige cultuur.

Kate: Ik vind het ook echt tof dat ik door de jongens van het ontwerpteam met open armen ben ontvangen. Ik kwam daar toch als eerste vrouw binnen. Ik voel dat teamgevoel eigenlijk wel bij iedereen in de organisatie. Het klikt ook goed met mensen uit alle afdelingen.

Mijn leukste moment is het kerstfeest. Dat Michael en Jojanneke de moeite nemen om de ruimte helemaal mooi aan te kleden en voor lekkere hapjes en drankjes zorgen. En dat ze dan samen de openingsdans doen. Toen dacht ik wel: Wat een tof bedrijf is dit om bij te werken!

Saskia: Ik vind de vrijdagmiddagborrel ook altijd heel gezellig. Even relaxen met je collega’s na een drukke werkweek.

Dan gaan we nu verder met wat vragen over design. Wat vinden jullie de grootste uitdaging bij het ontwerpen van een beursstand?

Kate: Om te voldoen aan alle bouwrichtlijnen van de beurs! Dat beperkt je in je ontwerp. Dan mag de standwand opeens maar 3,5 meter hoog zijn in plaats van 4 meter. En soms zijn ze zo krom beschreven dat je er ook geen wijs uit kunt worden. Verder merk ik dat je er met de opdrachtgevers altijd wel uitkomt qua creativiteit.

Saskia: De bouwrichtlijnen zijn inderdaad niet altijd even makkelijk om mee te werken. Wat ik ook lastig vind is dat je niet weet hoe de stands van de buren eruit zien. Het doel van jouw stand is vaak om aandacht te trekken op de beursvloer. Maar je weet nooit of je die aandacht ook krijgt omdat je niet weet hoe de andere stands eruit zien. Daar kun je dus nooit op inspelen.

Kate: Eigenlijk is het natuurlijk altijd de uitdaging om met de wensen van de opdrachtgever en de middelen van het bedrijf een klant enthousiast te krijgen over het ontwerp en ze hiermee positief te verrassen. Dus dat het ontwerp ook echt wordt verkocht. Een goede briefing helpt hier natuurlijk enorm in mee.

Wanneer is een ontwerp voor jou geslaagd?

Kate: Wat ik net al zei, het eerste en belangrijkste uitgangspunt is natuurlijk dat het ontwerp wordt verkocht.

Saskia: Maar dat betekent dat het ontwerp geslaagd is in de ogen van de opdrachtgever. En dat is natuurlijk ook het belangrijkste voor The Inside. Maar als ontwerper denk ik dat een ontwerp pas is geslaagd als jij ook zelf erg blij wordt van het ontwerp. En dat daarna de accountmanager en de opdrachtgever hier vervolgens ook enthousiast van worden.

Kate: Ja dat klopt. En dat het ontwerp dan zonder gekke aanpassingen meteen wordt verkocht. Dat maakt het wel helemaal mooi!

Hoe heeft de standbouw zich in de afgelopen jaren ontwikkeld? Welke veranderingen hebben jullie zien plaatsvinden?

Saskia: Ik zie steeds meer systeembouw opkomen. En dan ook wel kwalitatief mooie systeembouw.

Kate: Ik denk vooral aan de opkomst van de digitalisering. En daarbij de beleving op de stand. Je merkt dat er steeds meer een verschuiving plaatsvindt: men heeft steeds vaker liever meer beleving op een stand dan een echt bijzondere stand. Je ziet dit aan de opkomst van bijvoorbeeld grote LED schermen of videowalls. Of het gebruik van VR, robots en project mapping. Maar bijvoorbeeld ook door gebruik te maken van ronddraaiende of bewegende truss. Die technische aspecten worden steeds belangrijker bij het ontwerpen van een stand. En dat maakt het soms wel lastig als je niet helemaal goed in die terminologie zit.

Saskia: Het hangt natuurlijk ook af van wie je opdrachtgevers zijn. Die digitalisering is meer gaande bij de vakbeurzen, daar wordt op een ander manier uitgepakt dan op de consumentenbeurzen. Bij de consumentenbeurzen zie je dat er andere uitgangspunten zijn en deze zijn ook groeiend in aantal. Die worden gezien als gezellige dagjes uit waar vooral veel geprobeerd en gekocht moet kunnen worden waarbij beleving op een andere manier centraal staat.

Kate: Ja daar blijven een grote opslag en een grote counter nog steeds belangrijk.

Als jij jouw ideale stand mocht ontwerpen, hoe ziet deze er dan uit en uit welke onderdelen moet deze bestaan?

Saskia: Dan zou ik gaan voor een conceptuele stand met veel beleving. Eén van de tofste stands die ik ooit heb gezien had een ‘natuurmuseum-concept’. Je liep daar voor je gevoel echt een museum binnen. Compleet met vitrines met opgezette dieren etc. Dat was wel een stand die me is bijgebleven.

Kate: Ik ben dan echt wel anders. Ik zou namelijk gaan voor een heel strak design. Ik vind een ontwerp tof als de stand clean en simpel is. Ik hou ook echt wel van symmetrie. Dat de meubels symmetrisch staan opgesteld in de stand of dat de stand er van alle kanten precies hetzelfde uitziet.

Welk type stand heeft dan jullie voorkeur?

Kate: een kopstand! Dan heb je altijd een achterwand waar je mee kunt werken. Een eilandstand ontwerpen vind ik echt verschrikkelijk. Dan heb je helemaal geen grenzen waar je je aan vast kunt houden.

Saskia: Ik vind een kopstand ook het leukste. Maar ik heb daarna liever een eilandstand dan een tussenstand. Daar kun je ook helemaal niks met aanlooproutes.

Kate: Liever een eilandstand dan een tussenstand? Oh nee echt niet! Ik heb alles liever dan een eilandstand. Die staat bij mij echt onderaan de lijst! Een doorloopstand is trouwens ook leuk.

Saskia: Ja klopt, ik heb ook een keer echt een hele gave doorloopstand ontworpen.

Kate: Ik denk dat het ook altijd leuker is als een opdrachtgever je aanspreekt. Of als je zijn product gebruikt. Dan gaat het toch meer leven en kun je je ook beter verplaatsen in de doelgroep.

Saskia: Ik vind het ook altijd leuk als ik de vrijheid krijg in de briefing. Dus dat ik veel zelf mag bepalen in het ontwerpen van de stand.

Kate: Ja jij bent daar veel kunstzinniger in dan ik dat ben. Ik vind het juist fijn als de briefing duidelijk is en er veel grenzen in worden gesteld. Ik zoek de uitdaging dan in het creëren van iets moois binnen die grenzen.

Saskia, je merkt tussen jullie al verschillen in wat jullie fijn vinden werken. Hoe zorg je ervoor dat een briefing bij de juiste ontwerper komt?

Saskia: Ik lees alle briefings of wordt gebriefd over een opdracht door de accountmanager. Op basis van die briefing geef ik deze aan de ontwerper waarvan ik denk dat deze het beste erbij past. Zodat de ontwerpers ook zo optimaal worden ingezet op hun kwaliteiten. Zo geef ik een grote stand met veel vrijheid eerder aan een van de mannen en geef ik Kate vaker een stand waar wat meer gepuzzeld moet worden om een ontwerp te maken dat past binnen het gestelde budget.

Wat zou jij graag nog eens willen ontwerpen buiten de standbouw?

Kate [direct]: een subtropisch zwemparadijs! Het lijkt me geweldig om zoiets te ontwerpen.  Hoekjes met veel planten. Of een hoek voor de kinderen. Om iets heel anders te maken dan het beeld wat mensen nu hebben bij een subtropisch zwemparadijs hebben. Toffe glijbanen, glasplaten. Ik zie het al helemaal voor me. Dat lijkt me echt heel erg tof!

Saskia: Het eerste wat bij mij opkomt is dan om het hele conceptverhaal voor een autoshowroom te maken. Dus het hele conceptboek. Dat je kijkt waar het merk voor staat en dat je dat dan doorvoert in alle aspecten van de showroom. Zoals de aankleding van de spreekkamers. Maar ook hoe je de auto’s neerzet en welke bloemen je gebruikt. Echt alles. En dan natuurlijk wel van een mooi merk. Zoals Jaguar of Bentley.

Dan ben je echt meer aan het concept denken. Zouden jullie dat ook meer willen doen in de standbouw en waar denk je dan aan?

Kate: Ja dan ben je echt bezig met een verlenging van je ontwerp. Bijvoorbeeld een uitnodiging sturen voor de beurs in de stijl van je stand. Ik heb dat ook een keer gedaan. Toen hebben we bij een stand ook munten ontworpen. Bij iedere uitnodiging werd zo’n munt meegestuurd. En op de stand konden ze die munten in een grijpmachine werpen en een prijs pakken.

Saskia: Of dat de kleding van de standbemanning wel matcht met de stand. Ik heb een keer een hele strakke witte stand ontworpen. Maar toen ik op de beurs kwam zag ik de standbemanning in tweed jasjes rondlopen. Dat doet natuurlijk enorm afbreuk aan het concept. Waarom moest ik dan zo’n strakke stand ontwerpen? Dat heb ik trouwens later nog wel aan de directeur van het betreffende bedrijf gevraagd. En toen bleek dat hij helemaal niet afwist van die kleding. Dus vaak kun je het ook maar beter even ter sprake brengen zodat ze het eventueel aan kunnen passen en het hele concept van de stand goed kan worden doorgevoerd.

Kate: Of dat ze geen oubollige bloemstukjes of plastic bloemen plaatsen in een dure stand. Want dat zie je echt nog veel te vaak gebeuren!

Saskia: Een positieve ervaring die ik met het concept denken heb is een stand voor kinderkleding. De bedoeling van die stand moest zijn dat de kinderen [waarvan er veel op de beurs zouden zijn] de ouders zouden meetrekken naar de stand. Ik heb toen een piratenschateiland ontworpen. In het midden van de stand stond een grote schatkist. En bij de ingang kreeg elk kind een schatkaart met route over de beursvloer naar de schat [op de kaart gemarkeerd met een groot kruis natuurlijk]. Dat was ook echt ontzettend leuk!

Jullie kwamen binnen in een afdeling met alleen maar mannen. Hebben jullie een vrouwelijke touch kunnen brengen aan de afdeling?

Kate: De theedoos! Wij hebben een theedoos neergezet die wij [de dames] vullen. De mannen zeggen ook dat wij echt teveel over thee praten als zij er niet zijn.

Saskia: Dat komt door mij! Ik heb een keer gezegd dat dat alles is waar vrouwen over praten als er geen mannen bij zijn haha!

Kate: En misschien worden er nu iets meer ‘mannengrapjes’ gemaakt om te proberen ons te choqueren.

Samen: Maar dat lukt ze toch niet!

Dank jullie wel voor dit interview! 

Deel dit artikel op social media:

Vorige artikel Terug naar Blog overzicht Volgende artikel